Stichting Handicap & Seksualiteit

Infotheek

Titel: Ik doe het uit onbegrensde liefde

Seksualiteit is een basisbehoefte voor mensen, dat geldt ook voor gehandicapten. Alleen is het voor gehandicapte mannen vaak moeilijk om een partner te vinden. Of de partner kan het niet meer opbrengen. Sophie (46), getrouwd en moeder van twee kinderen, zorgt ervoor dat de seksuele wensen van deze mannen toch worden vervuld. Sophie werkte ooit in de horeca. Het heeft wel overeenkomsten met wat ze nu doet, vindt ze. “Je moet in elk geval dienstbaar zijn, het prettig vinden om het mensen naar hun zin te maken.”

Je moet lachen als het woord ‘verwennen’ valt. “Ja, inderdaad, zo zou je het ook kunnen noemen. Al wordt dat woord ook wel gebruik in het commerciële sekswerk en daar wil ik absoluut niet mee geassocieerd worden. Sophie doet haar werk, het verlenen van seksuele diensten aan mennen met een handicap, immers uit idealisme. Ze wordt er wel voor betaald, maar waarom zou je niet betaald mogen worden? “Dat je je werk heel graag doet betekent toch niet dat je het voor niks hoest te doen? Maar ik reken een heel normaal tarief, vijftig euro per uur. Dat rekent een masseur ook. En ik rekende het ook toen ik nog healings deed.” Seksualiteit is een basisbehoefte voor mensen. Die verdwijnt niet als je toevallig gehandicapt bent – ook al ben je lichamelijk tot heel weinig in staat.

Deze mannen kunnen vaak geen partner vinden. Of de partner kan het niet meer opbrengen. Maar het verlangen is er wel en er kan niet aan voldaan worden. De omgeving negeert het en behandelt de man als een seksloos wezen. Hij wordt gewassen door het verplegend personeel. Vaak zijn dat vrouwen. Ze raken hem overal aan, maar hij mag daar niet opgewonden van worden. Hij telt niet mee als man. Natuurlijk mag het verplegend personeel niet tegemoetkomen aan seksuele wensen, maar dat betekent niet dat die wensen genegeerd moeten worden. Je ziet her ook wel bij de ouders. Dat hun gehandicapte zoon inmiddels een man is geworden met seksuele gevoelens, daar denken ze liever niet over na.

Ik heb een cliënt gehad die zei dat de zomermaanden voor hem het moeilijkste waren. Al die vrouwen in blote jurkjes. ‘Je wilt toch ook wel eens een vrouw vastpakken’, zei hij. Zulke mannen moeten hun gevoelens voortduren onderdrukken. Intimiteit is ook zoveel meer dan seks. Als iemand verstoken is van seks en intimiteit kan hij gefrustreerd raken, geblokkeerd worden, en zijn eigenwaarde (waar hij vaak toch al niet veel van heeft) brokkelt nog verder af. Als je er dan voor kunt zorgen dat hij die seksualiteit wél kan beleven, dan is dat ook een vorm van genezing die je toepast. Het kan iemand zelfverzekerder maken, minder afhankelijk. Dat werkt door in zijn relaties met anderen. Dat zie ik als de zingeving van mijn werk.”

Zelf kan ik gerust zeggen dat ik dit werk uit liefde doe. Als ik bij een cliënt ben voel ik pure liefde. Ik heb in mijn hoofd een klik gemaakt. Ik voel me dan aangesloten op een reservoir van onvoorwaardelijke liefde. Ik voel geen seksuele opwinding, maar wel liefde. Het is dienstbaar zijn. Het gaat niet om mij, het gaat om die cliënten. Ik ben er om hun wensen te vervullen. Vaak zijn deze mannen ook helemaal niet in staat een vrouw te bevredigen. Een man met een vergevorderde spierziekte bijvoorbeeld, die kan niet eens zichzelf bevredigen; laat staat zijn partner.

Wat ik er voor mezelf uithaal, uit zulke ontmoetingen, dat is het gevoel dat je er hebt kunnen zijn voor die ander. Mijn dochter begrijpt dat nu ook iets beter. Ze heeft het in elk geval geaccepteerd. Ze wil er niet te veel over horen, maar ze verwijt me niet meer dat ik dit doe.” Haar contact met een cliënt hoeft niet beperkt te blijven tot een paar seksuele handelingen, verteld ze. “Als iemand daarnaar verlangt en het kan, dan kleed ik ons beiden uit en dan ga ik bij hem in bed liggen. Nee, daarmee ga ik niet over mijn grenzen heen.

Mijn grenzen liggen eerder op het geestelijk vlak. Als ik het gevoel zou krijgen dat ik niet zuiver, niet oprecht meer bezig was en als ik dan toch door zou gaan - ja, dan zou ik over mijn grenzen gaan. Wat je vooral ook moet respecteren zijn de grenzen van die ander. Je moet heel erg voorzichtig zijn. Iemand die zwaar autistisch is bijvoorbeeld, die gaat lopen als je hem zomaar vastpakt. Ook al heeft hij me zelf uitgenodigd omdat hij verlangt naar seksueel contact. Een kleine aanraking kan voor zo iemand al bijzonder heftig zijn. Het kan zelfs zijn dat er bij een eerste bezoek nog helemaal geen sprake is van seks. Je moet weten hoe ver je kunt gaan.

Het gaat steeds om die ander. Steeds aanvoelen wat hij wil, waar hij aan toe is. Ik geef die tederheid dan in een homeopathische verdunning, zo noem ik dat; ik doe heel weinig, maar het komt wel binnen. Vandaar ook dat ik nooit vanuit een eigen seksueel verlangen naar iemand toe kan gaan. Dan zou ik niet openstaan voor hem. Het is maatwerk. Wat wil hij en wat kan hij? Impotentie hoeft helemaal geen probleem te zijn. Iemand kan toch een intens en volledig orgasme krijgen. Daar moet hij wel iets voor doen, er is meestal wel wat training voor nodig. Je voelt ook dat die climax eraan komt. Op zo’n moment ben ik helemaal afgestemd op iemand.

Er is een volledig contact. Zelfs als het gaat om iemand die niet kan praten. Of iemand die zowel lichamelijk als verstandelijk gehandicapt is. Maakt niet uit. Op zo’n moment voel ik me intens met iemand verbonden.” Elke week legt Sophie een of twee bezoekjes af; één week per maand werkt ze niet. Ze heeft een vaste klantenkring.

Sommige klanten bezoekt ze iedere maand, andere eens in de vier of zes maanden. Een aantal van hen woont in een instelling of in een woonvorm, anderen nog bij hun ouders thuis. Het gaat soms ook om mannen die chronisch ziek zijn en daardoor niet meer in staat zijn tot een gewoon seksueel leven, ook al hebben soms nog wel een partner. De jongste is vierentwintig, de oudste is eenennegentig.“ Mannen die op latere leeftijd gehandicapt zijn geraakt, bijvoorbeeld door ouderdom, suikerziekte, amputatie of een dwarslaesie, zouden ‘moeilijker’ zijn dan mannen die vanaf de geboorte een handicap hebben, Althans, zo is het Sophie verteld. “Dat zou te maken hebben met acceptatie, ze zouden er meer moeite mee hebben om hun situatie te aanvaarden. Ik heb daar nooit iets van gemerkt. Iets anders is agressie. Als het gaat om een zwakbegaafde man wil ik van tevoren garantie hebben dat hij geen agressieproblemen heeft. Gelukkig heb ik dat ook nooit meegemaakt. Ik ben daarentegen heel veel mannen tegengekomen met een enorme geestkracht. Ze hebben een grote indruk op me gemaakt.”

Over twee jaar is Sophie klaar met haar opleiding biodanzaleraar. Dan is ze achtenveertig. Of ze dan stopt met dit werk? “Nee hoor. Voor die jongere mannen ben ik natuurlijk wel wat oud, maar voor mannen vanaf zestig ben ik nog een groen blaadje. Dus ik wil dit blijven doen zolang ze me vragen. Want dit is mijn zielenwerk.”

Bron: Tijdschrift Mijn Geheim, nummer 09/34, pag. 4 - 9 Schrijfster: Irma Dakman

Breng mij naar boven Breng mij naar boven